Een Nederlandstalige school... een uitdaging


 

Taligheid en zeker ook meertaligheid is een sterke troef in de vorming van een jongere. Op Mater Dei besteden we daar veel aandacht aan.
De eigen Brusselse situatie, met name de aanwezigheid van veel meertalige leerlingen die wel Nederlands kennen maar bij wie Nederlands niet de eerste thuistaal is, is een uitdaging maar ook een meerwaarde.

 

Algemene doelstelling


 

Als Nederlandstalige school is het onze eerste doelstelling om alle leerlingen een grote beheersing van het Nederlands mee te geven, zowel geschreven als gesproken. Om deze doelstelling te bewaken heeft de school een taalbegeleider aangesteld en een uitvoerig taalbeleid uitgeschreven. Omdat de taalproblematiek in Brussel een eigen karakter heeft, wordt hier nauw samengewerkt met de scholengemeenschap Sint-Gorik en met BROSO, een koepeloverstijgende werkgroep voor de taalproblematiek in het Brussels secundair onderwijs.

Daarnaast willen we voor alle leerlingen, en in het bijzonder voor leerlingen die een taalsterke richting kiezen, de verwerving van de andere moderne talen bevorderen: Frans, Engels en Duits. Onze taalklassen zijn uitgerust met audiovisuele middelen en ICT-apparatuur.

 

Bevorderen van het Nederlands bij anderstaligen


 

Leerlingen die het Nederlands onvoldoende machtig zijn, worden eerst doorverwezen naar een OKAN-school waar ze een "taalbad" krijgen. OKAN staat voor OnthaalKlas voor Anderstalige Nieuwkomers.

Voor leerlingen met een voldoende basiskennis Nederlands wordt bij de inschrijving uitdrukkelijk gewezen op de consequenties van de keuze voor Nederlandstalig onderwijs. Hierover worden afspraken gemaakt die vastgelegd worden in een taalcontract

Als grootstedelijke Brusselse school ontvangt het Mater Dei-Instituut een extra pakket lesuren: de Brusselbonus. Deze uren worden in hoofdzaak besteed aan het talenonderwijs. We richten gedifferentieerde taallessen Nederlands of Frans in, in functie van en complementair aan de thuistaal. We organiseren ook gesplitste taallessen Nederlands en Frans in kleinere groepen om de mondelinge taalvaardigheid te oefenen. 

 

Aanvangsbegeleiding


 

Vooral in de eerste graad wordt extra gewerkt aan de beheersing van het Nederlands als onderwijstaal: NILT of Nederlands als Instructie- en LeerTaal. Bij het begin van het schooljaar worden alle leerlingen getest inzake taalkennis: woordenschat, begrijpend lezen en technische leesvaardigheid. Deze test wordt herhaald op het einde van het schooljaar om de effectieve leerwinst vast te stellen. In functie van de testresultaten wordt individueel of klassikaal geremedieerd.

In de eerste graad loopt ook het Posterproject, waarbij om de 2 weken een reeks nieuwe schoolwoorden worden aangebracht en in alle lessen ingeoefend.

 

Taalgebonden leerproblemen


 

De school verleent veel aandacht aan  taalgebonden leerproblemen zoals dyslexie. Bij voorlegging van een attest worden er op maat stimulerende, corrigerende en dispenserende maatregelen (STICORDI-maatregelen) vastgelegd.

 

Uitwisselingen en taalstages


 

Omdat praktijk de beste manier is om een taal echt te leren beheersen worden nog tal van doelgerichte activiteiten georganiseerd zoals taalstages (in het buitenland), buitenlandse uitstappen en reizen, en uitwisselingen.

P1000229